Arsenicum album
van James Tyler Kent — Voordrachten over homeopathische Materia Medica
De gemoedssymptomen tonen in het begin angstige onrust, en vandaar een voortgang naar delier en zelfs krankzinnigheid met alles wat dit inhoudt; stoornis van verstand en wil.
"Hij denkt dat hij moet sterven."
Ik ging eens naar het ziekbed van een buiktyfuspatiënt met geheel het algemene aspect dat ik heb beschreven; hij kon spreken, keek naar mij op en zei:
"Het heeft geen zin dat u komt, ik ga sterven; u kunt net zo goed naar huis gaan; vanbinnen is alles bij mij aan het verrotten."
Zijn vriend zat aan één kant van het bed en gaf hem enkele druppels water, en ongeveer zodra hij hem dat gebracht had, wilde hij het alweer.
Dat was alles wat hij verlangde; zijn mond was zwart, verschroeid en droog. Hij kreeg Arsenic. Een van de karakteristieke kenmerken van Arsenic is dorst naar kleine hoeveelheden, vaak, juist genoeg om de mond te bevochtigen. Dit wordt gewoonlijk gebruikt als onderscheidend kenmerk tussen Bry onia en Arsenic om te onthouden dat Bryonia dorst heeft naar grote hoeveelheden met lange tussenpozen, maar Arsenicum weinig en vaak, of een hevige onlesbare dorst.
"Denken aan de dood en aan de ongeneeslijkheid van zijn klachten."
"Gedachten dringen zich aan hem op; hij is te zwak om ze af te weren of om zich aan één idee vast te houden."
Dat wil zeggen, hij ligt dag en nacht in bed, gekweld door neerslachtige ideeën en benauwende gedachten. Dit is één vorm van zijn angst; wanneer hij door gedachten gekweld wordt, is hij angstig. In het delier ziet hij allerlei ongedierte op zijn bed.
"Plukt aan het beddengoed."
"Delier tijdens de slaap, bewusteloze manie."
"Jammert en knarst met de tanden."
"Luid kreunen, steunen en huilen."
"Klagen, wanhoop aan het leven."
"Schreeuwen van pijn."
"Angst drijft hem uit bed, hij verstopt zich in een kast."
Dit zijn voorbeelden van krankzinnigheid die eerst een toestand van angst, onrust en vrees aannemen. Religieuze krankzinnigheid, met de waan dat zij haar genadetijd heeft verbeurd, dat de bijbelse belofte van zaligheid niet voor haar geldt, dat er voor haar geen hoop is, dat zij tot straf gedoemd is.
Zij heeft over religieuze zaken nagedacht totdat zij krankzinnig is geworden. Ten slotte komt zij in een meer volledige krankzinnige toestand, een toestand van rust; stil, en met afkeer van spreken. Zo zien wij dat de ene fase in de andere overgaat; wij moeten het hele geval samen nemen; wij moeten letten op het verloop dat het geval heeft genomen om het helder te zien en op te merken dat er in de ene fase bepaalde symptomen waren en in een andere fase andere symptomen.
Zo weten wij bijvoorbeeld dat er in de acute toestanden van Arsenicum òf dorst is naar ijskoud water, en wel slechts genoeg om de mond te bevochtigen, òf dorst naar grote hoeveelheden water die de dorst toch niet lessen; maar deze dorstige fase gaat over in een andere, waarin afkeer van water bestaat, en zo zien wij dat bij chronische ziekten Arsenicum dorstloos is.
Zo is het ook bij een geval van manie; in de chronische toestand is hij rustig, maar in de vroegere stadia moet hij, om een Arsenicum-geval te zijn, door de Arsenicum-onrust, angst en vrees zijn heengegaan.
Vrees is een sterk element in de geestestoestand, vrees om alleen te zijn; hij vreest dat iets hem zal schaden wanneer hij alleen is; vol verschrikking; hij vreest de eenzaamheid en wil gezelschap, want in gezelschap kan hij praten en de vrees uitstellen; maar naarmate deze krankzinnigheid toeneemt, waardeert hij gezelschap niet meer en komt de vrees ondanks dat toch op. Hij heeft een heftige toename van zijn vrees en verschrikking in het donker en veel klachten komen op in de avond bij het invallen van de duisternis.
Veel van de geestelijke moeilijkheden, evenals de lichamelijke, komen op en nemen toe op bepaalde tijden. Terwijl sommige klachten, pijnen en ongemakken 's morgens erger zijn, zijn de meeste lijden van Arsenicum erger van 1-2 uur 's middags en van 1-2 uur 's nachts. Na middernacht, soms heel kort na middernacht, beginnen zijn lijden, en van 1-2 uur worden zij heviger. Uiterste angst 's avonds in bed.
"Afkerig van het ontmoeten van bekenden, omdat hij zich verbeeldt dat hij hen vroeger heeft beledigd."
Grote geestelijke depressie, grote droefheid, melancholie, wanhoop, wanhoop aan herstel. Hij heeft angst voor de dood wanneer hij alleen is, of bij het naar bed gaan, met angst en onrust. Hij denkt dat hij gaat sterven en wil iemand bij zich hebben.
De aanvallen van angst in de nacht drijven hem uit bed. Dit is een angst die het hart aangrijpt, en zo schijnen de geestelijke angst en de hartangst bijna samen te vallen. 's Nachts overvalt hem plotseling een angstige vrees; hij springt uit bed uit vrees dat hij zal sterven, of dat hij zal stikken.
Het middel is rijk aan dyspneu, cardiale dyspneu en wisselende vormen van astma. De aanvallen komen op 's avonds in bed of na middernacht; van 1-2 uur wordt hij aangevallen door geestelijke angst, dyspneu, doodsangst, koude en is hij bedekt met koud zweet.
"Angst als van iemand die moord heeft gepleegd."
Dit is één vorm van zijn angst; ten slotte werkt hij zich op tot het idee dat de politie hem komt halen, en hij houdt in de gaten of zij binnenkomen om hem te arresteren. Iets ongewoons kwaads zal hem overkomen; altijd uitziend naar iets vreselijks dat gebeuren zal.
"Prikkelbaar, moedeloos, rusteloos."
"Onrust, kan nergens rusten."
"Als gevolg van schrik, neiging tot zelfmoord."
De Arsenicum-patiënt met deze geestestoestand heeft het altijd ijskoud, hangt rond het vuur, kan niet genoeg kleding krijgen om warm te blijven, en lijdt erg van de kou.
Chronische Arsenicum-invaliden kunnen niet warm worden; zij zijn altijd kouwelijk, bleek en wasachtig, en bij zulke invaliden ontstaan, nadat zij verscheidene ongewone aanvallen van zwakte hebben gehad, waterzuchtige toestanden.
Arsenicum is vol walligheid en waterzucht; oedemateuze toestand van de extremiteiten; waterzucht van de gesloten zakken of van de holten; zwelling rondom de ogen; zwelling van het gezicht, zodat er bij druk een putje blijft. Arsenicum staat bij deze zwellingen in het bijzonder in relatie tot het onderste ooglid meer dan tot het bovenste, terwijl bij Kali carb . de zwelling meer in het bovenste ooglid zit dan in het onderste, tussen het lid en de wenkbrauw.
Er zijn tijden waarop Kali carb . sterk op Arsenic lijkt, en kleine kenmerken als dat zullen onderscheidende punten zijn. Als zij in de generalia samenvallen, dan moeten wij hun bijzondere eigenaardigheden waarnemen.
Periodiciteit: Bij de hoofdpijnen hebben wij een opvallend algemeen kenmerk van Arsenicum, dat naar voren komt in hun periodiciteit. Door dit hele middel heen loopt een periodiciteit , en daarom is het zo uitgebreid nuttig geweest bij malaria-aandoeningen die als kenmerk van hun aard periodiciteit hebben.
De periodieke klachten van Arsenic komen om de andere dag, of om de vierde dag, of om de zeven dagen, of om de twee weken op. De hoofdpijnen komen in deze cycli op, om de andere, of de derde, of de vierde, zevende of veertiende dag.
Hoe chronischer de klacht is, des te langer is haar cyclus, zodat wij bij de meer acute en scherpe stoornissen waarvoor Arsenic geschikt is, verergeringen om de andere dag en om de vierde dag zullen vinden; maar naarmate de stoornis chronisch en diepgeworteld wordt, neemt zij de verergering op de zevende dag aan, en bij psorische manifestaties van een langdurige, slepende en diepgewortelde soort is er een verergering op de veertiende dag.
Dit verschijnen in cycli is aan heel wat middelen gemeen, maar het is in het bijzonder duidelijk gemarkeerd bij China en Arsenic. Deze twee middelen lijken in veel opzichten op elkaar, en zij lijken in hun algemene aard sterk op de manifestaties die zo vaak bij malaria voorkomen. Het is echter waar dat Arsenic vaker geïndiceerd is dan China . In elke epidemie van malariakoorts die ik heb meegemaakt, heb ik Arsenicum-symptomen vaker aangetroffen dan die van China .
Deze hoofdpijnen brengen het interessante punt naar voren dat wij hierboven noemden. Arsenicum heeft in zijn aard een afwisseling van toestanden , en dit brengt bepaalde generalia met zich mee. Arsenicum is in al zijn lichamelijke klachten een koud middel; de patiënt zit bij het vuur en rilt, wil veel kleding en wil in een warme kamer zijn.
Zolang de klachten in het lichaam zitten, is dit zo; maar wanneer de klachten in het hoofd zitten, wil hij, terwijl hij het lichaam warm wil hebben, het hoofd in koud water gewassen hebben, of wil hij er koude lucht op.
De klachten van het hoofd moeten overeenstemmen met de generalia die voor het hoofd gelden, en de klachten van het lichaam moeten geassocieerd zijn met de generalia die voor het lichaam gelden. Het is moeilijk te zeggen welke van deze twee omstandigheden het meest algemeen is, en soms is het moeilijk te zeggen welke de generaliteit van de patiënt zelf is, omdat hij u in verwarring brengt door te zeggen:
"Ik ben erger in de kou," maar wanneer zijn hoofdpijn er is, zegt hij:
"Ik ben beter in de kou, ik wil in de kou zijn."
Het is in werkelijkheid alleen het hoofd, en u moet dit eruit lichten en het bestuderen naar het aangedane deel. Wanneer zulke dingen zo opvallend zijn, moet u erin doordringen om te zien wat het is dat de modaliteit teweegbrengt.
U zult een soortgelijke toestand door Phosphorus ; heen zien lopen; de klachten van de maag en het hoofd verbeteren door koude, d. w. z., hij wil koude applicaties op het hoofd bij hoofdklachten, en wil koude dingen in de maag bij maagklachten, maar bij alle klachten van het lichaam verbetert hij door warmte.
Als hij in de koele lucht stapt, begint hij te hoesten, als hij borstklachten heeft. Zo zien wij dat er altijd rekening moet worden gehouden met de modaliteiten die bij het aangedane deel horen. U hebt bijvoorbeeld een patiënt die lijdt aan neuralgie of rheumatische aandoeningen en dezezelfde pijnen strekken zich uit naar het hoofd, dan wil hij het hoofd ingepakt hebben omdat zij door warmte verbeteren.
Maar wanneer het gevallen van congestieve toestanden van het hoofd betreft, dan is hij beter wanneer zijn hoofd zeer koud is. Nu, zoals ik zei, is er bij Arsenicum een afwisseling van deze toestanden.
Ik zal dit illustreren door een geval te noemen.
Eens sukkelde een patiënt voort met periodieke migraineaanvallen. De migraineaanvallen waren beter door koud water, koude applicaties op het hoofd, hij kon het nauwelijks koud genoeg krijgen, en hoe kouder hoe beter. Deze hoofdpijnen kwamen elke twee weken, en zolang zij aanwezig waren verlangde hij koude op het hoofd.
Dan waren deze periodieke hoofdpijnen gedurende lange perioden beter; maar wanneer zij weg waren, leed hij aan rheumatisme van de gewrichten, dat ook periodiek was en ook min of meer hardnekkig, en wanneer dit rheumatisme van de gewrichten en extremiteiten, met min of meer zwelling en oedeem, aanwezig was, kon hij het niet warm genoeg krijgen; hij zat bij het vuur en was toegedekt; hij werd verlicht door warmte en wilde warme lucht en een warme kamer.
Dit duurde een tijd en nam dan af, en dan kwamen zijn migraineaanvallen weer terug en hielden een tijd aan. Dat is wat ik bedoelde met de afwisseling van toestanden. Arsenicum genas die man, en daarna heeft hij geen van beide ooit meer gehad.
De afwisseling van toestanden betekent soms dat er twee ziekten in het lichaam zijn, en soms dekt het middel het hele beeld in de afwisseling van toestanden.
Ik herinner mij nog een ander geval, dat deze eigenaardige aard van de afwisseling van klachten zal illustreren, die behalve door Arsenic ook door andere middelen wordt gedeeld.
Een patiënte leed aan een druk op de kruin, zoals ik u onlangs onder Alumen . beschreef.
Zij leed wekenlang aan die druk op de kruin, en de enige verlichting die zij kon krijgen, kwam door harde druk; zij putte zichzelf uit met harde druk en bedacht allerlei gewichten om op het hoofd te leggen.
Dat verdween 's nachts en zij werd de volgende ochtend wakker met voortdurende aandrang tot urineren. De prikkelbare urineblaas wisselde af met pijn boven op het hoofd.
Alumen genas. Bij veel van deze antipsorische middelen hebben wij een afwisseling van toestanden.
Dit illustreert de noodzaak om de symptomen te verkrijgen van alle toestanden die zich voor genezing voordoen, anders zult u vele malen in een chronisch geval van psorisch karakter voorschrijven en het tijdelijk verlichten, waarna een ander aspect ervan terugkomt.
U hebt de ziekte alleen maar iets sneller voortgejaagd dan zij zou zijn verlopen als men haar met rust had gelaten. Maar dat is geen homeopathisch voorschrijven. Wees er zeker van dat, wanneer een middel zich in de ene toestand voordoet, het in de andere toestand ook duidelijk geïndiceerd is, anders is dat middel niet het similimum.
U moet zoeken totdat u het middel vindt dat beide toestanden heeft, anders zult u teleurgesteld worden. Soms ontdekken wij deze afwisseling van toestanden niet voordat wij haar door onjuist voorschrijven twee- of driemaal hebben teruggebracht.
Sommige mensen zijn zo terughoudend en zo moeilijk symptomen van te krijgen, dat wij deze symptomen niet altijd naar voren krijgen.
Maar u onderzoekt uw aantekeningen en u vindt waar u een dwaze voorschrijving hebt gedaan, dat u een nieuwe toestand verdreef en de eerste klacht terugkwam, en u ging maar door met dat heen-en-weergeschommel.
Bedenk nu dat uw patiënt daarbij niet verbetert en dat u het hele geval opnieuw moet bestuderen, rekening houdend met de afwisselende toestanden. Bij Arsenic wisselen de hoofdsymptomen af met lichamelijke symptomen.
U zult bij bepaalde middelen, als deel van hun natuur, zien dat geestelijke symptomen afwisselen met lichamelijke symptomen; wanneer de lichamelijke symptomen aanwezig zijn, zijn de geestelijke symptomen er niet. Dit illustreert de noodzaak om de symptomen van alle zich voordoende toestanden te verkrijgen. Wanneer dat eenmaal is vastgesteld, is het een goed aanknopingspunt, maar soms vindt men geen middel, omdat veel van onze middelen niet goed zijn opgetekend; hun afwisselingen zijn nog niet waargenomen en als zodanig gemarkeerd.
Wij vinden bij Podophyllum het eigenaardige kenmerk dat de hoofdpijnen afwisselen met diarree; hij is onderhevig aan migraine en aan diarree, en het ene of het andere zal aanwezig zijn.
Bij Arnica wisselen de geestelijke symptomen af met uteriene symptomen. De uteriene symptomen hebben, wanneer zij worden waargenomen, het beeld van Arnica , maar deze verdwijnen in de nacht en geestelijke symptomen komen op, waarbij de geest zwaar, somber en troebel is.
Wanneer u middelen hebt die deze manifestaties bezitten, is er meer diepte van inzicht nodig om de afwisseling van toestanden te zien, omdat deze dingen in de proving niet altijd naar voren komen, om de reden dat de ene geneesmiddelproever de ene groep symptomen had, en een andere een andere.
Toch is een middel dat in staat is beide groepen symptomen naar voren te brengen voldoende om deze afwisseling van toestanden te genezen. De periodieke hoofdpijnen van Arsenic worden in alle delen van het hoofd gevonden.
Het zijn congestieve hoofdpijnen met bonzen en branden, met angst en onrust; heet hoofd en verlichting door koude. Er zijn hoofdpijnen in het voorhoofd, die bonzend zijn, erger door licht, heviger door beweging, vaak gepaard gaande met grote onrust die hem dwingt te bewegen, met grote angst.
De meeste hoofdpijnen gaan gepaard met misselijkheid en braken. De migraineaanvallen zijn van de ergste soort, vooral die welke om de twee weken komen. In sommige van deze oude, uitgeputte constituties zult u zien dat hij koud, bleek en ziekelijk is; hij is altijd kouwelijk en verkleumd behalve wanneer de hoofdpijn er is, en dan is die beter door koude; het gelaat sterk gerimpeld, grote angst en geen verlangen naar water.
Herinner u dat er gezegd werd dat in de acute toestand van Arsenic dorst aanwezig is, dorst naar weinig en vaak, droge mond en verlangen naar net genoeg water om de lippen te bevochtigen, maar in de chronische toestanden van Arsenic is hij in het algemeen dorstloos.
Hoofdpijnen: Er zijn hoofdpijnen aan één zijde van het hoofd waarbij de hoofdhuid betrokken is, de halve zijde van het hoofd, erger door beweging, beter door koud wassen, beter door lopen in de koude lucht, hoewel heel vaak de schok van het stappen een gevoel opwekt als van een golf van pijn, schokken, trilling of losheid in de hersenen; zodanig zijn de gewaarwordingen en dit zijn toestanden van pulsatie.
Dan zijn er vreselijke achterhoofdshoofdpijnen, zo hevig dat de patiënt zich versuft of bedwelmd voelt. Zij komen op na middernacht, door opwinding, door inspanning; zij komen op door verhit te raken bij het lopen, wat een bloedstuwing naar het hoofd veroorzaakt. Nat. mur . is een middel dat hierin analoog is, in zijn periodiciteit en in veel van zijn klachten. Het heeft congestieve hoofdpijnen door lopen en verhit raken; vooral door in de zon te lopen.
De Arsenicum-hoofdpijnen zijn over het algemeen erger door licht en lawaai, beter door te gaan liggen in een donkere kamer, liggend met het hoofd op twee kussens. Veel van de hoofdpijnen beginnen 's middags van 1 tot 3 uur, na de middagmaaltijd, worden in de namiddag erger en duren de hele nacht.
Zij gaan vaak gepaard met grote bleekheid, misselijkheid, prostratie, doodsachtige zwakte. De pijn is paroxysmaal; hevige hoofdpijn tijdens de koude fase van een wisselkoorts; hoofdpijn alsof de schedel zou barsten tijdens een wisselkoorts. Arsenicum heeft deze hoofdpijn van congestief karakter bij wisselkoorts, alsof het hoofd zou barsten.
Een eigenaardig kenmerk van de dorst is dat er tijdens de koude fase geen dorst is behalve naar warme dranken; tijdens de hitte is er dorst, weinig en vaak, naar net genoeg water om de mond te bevochtigen, wat bijna neerkomt op geen dorst, en tijdens het zweet is er dorst naar grote teugen.
De dorst begint met het begin van de hitte en neemt toe met de droogheid van de mond; hij verlangt alleen de mond te bevochtigen totdat hij in het zweet uitbreekt, en dan wordt de dorst een verlangen naar grote hoeveelheden, heel vaak, en hoe meer hij zweet, des te meer verlangen heeft hij naar water.
De hoofdpijn is er tijdens de koude fase; zij neemt toe, zodat zij tijdens de koude fase en de hitte een congestieve, bonzende hoofdpijn wordt; zij verbetert tegen het einde van de hitte wanneer het zweet uitbreekt, zij wordt verbeterd door het zweten.
Bij chronische hoofdpijnen, congestieve hoofdpijnen en malaria-klachten wordt aan de huid een neiging tot verschrompelen waargenomen; er ontstaat een voortijdig oude, gerimpelde aanblik van de huid. Het slijmvlies van de lippen en de mond verschrompelt vaak en wordt gerimpeld.
Dit wordt ook gevonden in het difteritische membraan van de keel als een eigenaardig kenmerk van Arsenic, en behoort, voor zover ik weet, tot geen ander middel. Het exsudaat in de keel ziet er leerachtig en verschrompeld uit.
Een verschrompeld membraan is geen zekere aanwijzing voor Arsenic, maar wanneer Arsenic geïndiceerd is, is het waarschijnlijk dat men dit soort membraan zal aantreffen; zulke gevallen die zeer kwaadaardig van karakter zijn, zeer stinkend, verrot, die met een gangreneuze geur.
Soms is het hoofd voortdurend in beweging wanneer er klachten in het lichaam zijn, omdat delen van het lichaam te pijnlijk zijn om bewogen te worden; dan komt de beweging van het hoofd op door onrust en onbehagen, en hij houdt het in beweging hoewel dit geen verbetering geeft.
Het gelaat en het hoofd zijn onderhevig aan oedeem; waterzucht van de hoofdhuid en erysipelateuze ontsteking van gelaat en hoofd.
De hoofdhuid vertoont bij druk putvorming en er is bij druk een lichte crepitatie eronder. De hoofdhuid is onderhevig aan erupties en is zeer gevoelig. Zo gevoelig is de hoofdhuid dat het haar niet gekamd kan worden; het lijkt alsof de aanraking van kam of borstel, wanneer die over de hoofdhuid wrijft, tot in de hersenen doordringt.
Gevoeligheid is een kenmerk van Arsenic; gevoeligheid voor reuk en aanraking; overgevoeligheid van alle zintuigen. Een eigenaardig kenmerk dat ik misschien nog niet naar voren heb gebracht is de overgevoeligheid voor de omstandigheden en de omgeving van de kamer.
De Arsenicum-patiënt is een uiterst precieze patiënt. Hering beschreef hem eens als "de patiënt met de wandelstok met gouden knop." Als dit wordt doorgevoerd bij een vrouw die ziek in bed ligt, dan verkeert zij in grote nood als niet elk schilderij aan de muur volkomen recht hangt.
Zij die gevoelig zijn voor wanorde en verwarring en van streek raken en verergeren totdat alles op zijn plaats is gezet, hebben een ziekelijke ordedrang die zijn similimum heeft in Arsenic.
Ogen
De oogsymptomen van dit middel zijn zeer opvallend. In oude gevallen van onderdrukte malaria, bij afgetakelde constituties, bij bleke, ziekelijke mensen die aan algemene catarrale toestanden onderhevig zijn, en aan zulke catarrale toestanden die zich vooral in neus en ogen lokaliseren, zullen de oogsymptomen lastig zijn.
Er zijn afscheidingen uit de ogen. Het kan een conjunctivitis zijn die in het algemeen de oogleden en de oogbol betreft, soms voortgaand tot ulceratie met dunne, bloederige afscheiding, toenemend tot dikke, bijtende afscheiding die het oog excorieert, de ooghoeken rood maakt en granulatie met branderigheid veroorzaakt.
Het branden verbetert door wassen met koel water en ook door droge warmte. Heel vaak verschijnen zweren op de oogbol, vaak op de cornea.
Het heeft allerlei vormen van hypertrofie die in plekken beginnen en littekens vormen, en op oude geülcereerde plekken kleine uitgroeisels, gelijkend op een pterygium, die naar het centrum van het oog toe groeien en blindheid bedreigen.
De ontstekingen gaan soms gepaard met zwelling, branden en excorierende afscheiding; deze zwelling heeft een zakvormig karakter, en zo vinden we " wallenachtige " oogleden en kleine zakjes die zich onder de ogen vormen.
Het gelaat is wasachtig en bleek en vertoont het beeld van een afgetakelde constitutie of een waterzuchtige toestand.
De catarrale toestand omvat keel en neus, en het is soms moeilijk de neussymptomen van de keelsymptomen te onderscheiden.
De Arsenicum-patiënt vat voortdurend kou in de neus, moet altijd niezen bij elke weersverandering. Hij is altijd kouwelijk en lijdt van tocht, en is erger bij koud, vochtig weer; altijd ijskoud, door en door verkleumd.
Deze bleke, wasachtige, afgetakelde constituties met catarrale afscheidingen uit de neus worden blind wanneer zij in een fel licht kijken.
Niezen en coryza met ontstekingsverschijnselen door de gehele neusholte, keel, strottenhoofd en borst.
De verkoudheid begint in de neus en daalt af naar de keel, en veroorzaakt heel vaak heesheid met droge, kriebelende, harde, schrapende hoest.
Het is moeilijk middelen te vinden voor een coryza die in de neus begint en zich tot in de borst uitbreidt met bronchiale klachten; heel vaak hebt u een verandering van middel nodig, omdat de borstsymptomen vaak naar een ander middel wijzen. Het is moeilijk een middel te vinden dat zowel de symptomen van neus als van borst dekt.
Arsenicum is het middel voor oude, chronische catarrale neusklachten waarbij de neus gemakkelijk bloedt, en de patiënt altijd niest en verkouden wordt, altijd kouwelijk en bleek is, moe, onrustig, vol angst in de nacht en lastige dromen heeft.
Het slijmvlies raakt gemakkelijk ontstoken, waardoor rode plekken en zweren ontstaan die gemakkelijk bloeden. Achter in de neus vormen zich grote korsten.
Er is een opvallende neiging tot ulceratie bij Arsenicum. Is er keelpijn, dan ulcereert het; zet een verkoudheid zich in de ogen vast, dan kan zij in ulceratie eindigen; catarrale neusklachten eindigen in ulceratie; en deze neiging tot ulceratie, waar de klachten zich ook lokaliseren, is een zeer sterke eigenschap van Arsenicum.
Het is het middel voor catarrale klachten van de neus en andere plaatsen bij afgetakelde constituties door syfilis of malaria, of bij een constitutie die een of andere vorm van bloedvergiftiging heeft doorgemaakt, hetzij vergiftiging door een ontleedwond, hetzij door erysipelas of tyfuskoorts of andere zymotische toestanden die onjuist behandeld zijn, of vergiftiging met kinine en dergelijke stoffen die het bloed aantasten en een toestand van anemie vestigen. Als er een zweer op het been komt, als leucorroe optreedt, als er eender welke afscheiding tot stand komt, dan wordt de patiënt daardoor verlicht.
Laat nu sommige van deze afscheidingen verminderen en u krijgt een chronische toestand die ogenschijnlijk van achtergehouden secreties komt, maar het is een vorm van bloedvergiftiging. Zo is het ook met onderdrukte oorafscheidingen, onderdrukte keelafscheidingen, onderdrukte leucorroe en ulceraties.
Arsenicum is een van de middelen die passen bij de anemische toestand die op elke suppressie volgt. Tegenwoordig is het in de mode de cauterisatie te gebruiken, plaatselijke toepassingen te maken om leucorroe en andere afscheidingen te doen ophouden en zweren te laten genezen.
Wanneer deze uitwendige klachten nu verdwijnen, ontstaat er in het organisme een anemische toestand, de patiënt wordt wasachtig en bleek, ziet er ziekelijk uit, en deze catarrale afscheidingen komen dan op als een middel tot verlichting wegens de onderdrukking van een andere toestand.
Bijvoorbeeld: sinds de onderdrukking van een leucorroe heeft de vrouw dikke, bloederige of waterige afscheiding uit de neus. Het past vaak bij de constitutie wanneer een zweer door zalven is uitgedroogd, of wanneer een oude oorafscheiding door uitwendig aangebrachte poeders is gestopt. De arts denkt dat hij iets slims heeft gedaan door zulke afscheidingen te stoppen, maar hij heeft slechts bereikt dat hij de secreties heeft afgedamd die in werkelijkheid een verlichting voor de patiënt zijn.
Middelen als Sulphur, Calcarea en Arsenicum zijn geschikt voor de catarrale afscheidingen die uit zulke suppressies voortkomen, bij afgetakelde constituties.
Arsenicum komt ook overeen met de toestand die is ontstaan door de absorptie van dierlijke vergiften. Het gaat tot de wortel van het kwaad, want het lijkt op de symptomen die door een ontleedwond worden voortgebracht. Arsenicum en Lachesis zijn middelen die meteen tot de oorzaak doordringen en het vergif antidoteren, harmonie herstellen en de dingen weer in orde brengen.
De neussymptomen van Arsenicum zijn dus zeer lastig en vormen een omvangrijk deel van het symptomenbeeld van een Arsenicum-patiënt. Zij vatten altijd gemakkelijk kou, zijn altijd gevoelig voor koude en de catarrh wordt bij de geringste aanleiding altijd weer opgewekt.
Wanneer een Arsenicum-patiënt op zijn best is, heeft hij min of meer een dikke afscheiding, maar wanneer hij een beetje kou vat, wordt die dun; de dikke afscheiding die voor zijn welbevinden nodig is vermindert, en dan krijgt hij hoofdpijn en ontstaan dorst, onrust, angst en ellende.
Dit gaat over in een catarrale koorts van twee of drie dagen duur, en dan komt de dikke afscheiding weer op gang en voelt hij zich beter; al zijn pijnen en klachten verdwijnen. Het is van groot nut geweest bij epithelioom van neus en lippen.
Ontsteking van keel en tonsillen met branderigheid, verergerd door koude en beter door warme dranken. Er is roodheid en een verschrompelde toestand van het slijmvlies.
Wanneer er bloedvergiftiging gaande is, zoals bij difterie, en er exsudaat op het slijmvlies verschijnt en dit grijs en verschrompeld, askleurig wordt, en dit soms het gehele zachte gehemelte en de bogen bedekt. Het ziet er verdord uit. Hij is geprostreerd, angstig, inzinkend, zwak, niet veel koorts, maar veel droogte van de mond.
De catarrale toestand zakt af naar het strottenhoofd met heesheid, en naar de luchtpijp met branderigheid, erger door hoesten, en dan komt er snoering van de borst, astmatische dyspneu en droge, kwellende hoest zonder expectoratie.
Deze kwellende hoest gaat gepaard met angst, prostratie, onrust, uitputting en zweet, en de hoest lijkt geen enkel goed te doen.
De hoest vormt het vroege deel ervan en gaat enkele dagen door als een droge, schrapende, ruwe hoest zonder enig nut; en dan komen de astmatische symptomen op, waarna hij grote hoeveelheden dun, waterig sputum opgeeft.
Er is snoering rond de borst, een sterk gevoel van beklemming en piepende ademhaling, en hij heeft het gevoel dat hij zal stikken. Soms wordt bloederig slijm opgegeven, maar de symptomen zijn over het algemeen meer van catarrale aard.
Symptomen van pneumonie verschijnen soms met roestkleurige expectoratie. De expectoratie is excorierend. In de borst is er een brandend gevoel, alsof er vuurkolen in de borst lagen, en dit gaat over in bloeding en leverkleurige expectoratie.
Arsenicum is een bloedingsmiddel, een middel dat tot bloedingen predisponeert, en er treden bloedingen op uit alle slijmvliezen; gewoonlijk van helderrood bloed, maar in deze streek nemen de delen een gangreneuze toestand aan en de bloedingen worden zwart en er zijn kleine stolsels als stukjes lever.
Hetzelfde vindt men in het braaksel en in de ontlasting. De expectoratie is afschuwelijk stinkend, zó erg dat men al spoedig op het idee komt dat er een toestand van gangreen bestaat.
De patiënt gaat op dit ogenblik over in een toestand die misschien niet beter te beschrijven is dan als een gangreneuze ontsteking; er zullen tekenen zijn die de ontstekingstoestand aangeven, en er zal de geur van de expectoratie zijn, die u opmerkt zodra u de deur opent,
De expectoratie is een dunne, waterige vloeistof, vermengd met stolsels. In de pot vindt u deze waterige expectoratie die op pruimensap lijkt, en te midden daarvan stolsels bloed; de stank is afschuwelijk. Hij is door de periode van onrust heen en is nu geprostreerd, inzinkend, bleek en waarschijnlijk bedekt met koud zweet.
Maag en darmen: Wanneer we bij de maag komen, vinden we alles wat men gastritis kan noemen, braken van alles wat ingenomen wordt, zelfs van een theelepel water, extreme irritatie van de maag, grote prostratie, afschuwelijke angst; droge mond; een heel klein beetje heet water kan hem soms een minuut lang verlichten, maar spoedig moet het weer omhoog; koude vloeistoffen worden onmiddellijk uitgebraakt. De gehele slokdarm verkeert in een toestand van ontsteking; alles brandt dat naar boven komt of naar beneden gaat. Braken van gal en bloed.
Extreme gevoeligheid van de maag is aanwezig; hij wil niet aangeraakt worden. Uitwendig aangebrachte warmte verlicht, en er is tijdelijke verlichting door warme dranken; de warmte is weldadig. In de darmen hebben we veel last; dit middel heeft alle symptomen van peritonitis; opzetting van de buik, een tympanitische toestand; kan niet gehanteerd of aangeraakt worden, en toch blijft hij bewegen omdat hij zo onrustig is, hij kan niet stil blijven, maar tenslotte wordt hij zo zwak dat uitputting de plaats van de onrust inneemt.
Dysenterie zal waarschijnlijk optreden, met onwillekeurige lozingen van urine en feces, een of beide, met bloeding uit de darmen en bloederige urine.
Wanneer de darmen zich ontlasten, krijgen we de lijkachtige geur van de ontlasting, een geur als van bedorven vlees. De ontlasting is bloederig, waterig, bruin als pruimensap, of zwart en afschuwelijk stinkend.
Soms dysenterisch van karakter met vreselijke persdrang en branden van de anus; elke stoelgang brandt alsof er vuurkolen in het rectum waren; branden in de darmen, branden overal doorheen. De buikpijn is beter door het aanleggen van hete dingen. De tympanitische toestand is extreem.
Soms is er een gastro-enteritis die een gangreneus karakter aanneemt, waarover men vroeger sprak als gangreen van de darm, een versterving die altijd in de dood eindigde.
Er wordt een dikke, bloederige afscheiding geloosd met een afschuwelijke geur, alle stoffen worden uitgebraakt, de patiënt verlangt een zeer warme kamer, wil goed toegedekt zijn, wil hete applicaties en warme dranken, ziet er lijkachtig uit en ruikt lijkachtig, met een droge, scherpe geur die overal doordringt; maar als hij de dekens van zich af wil, een koele kamer en open ramen wil, met koud water gesponsd wil worden en ijskoude dranken verlangt, dan moet hij Secale . hebben.
Darmen: Ik wil u waarschuwen tegen het al te ondoordachte gebruik van Arsenicum bij de zomerklachten van jonge baby's, bij dysenterie en cholera infantum. Het heeft zoveel kleine symptomen die zo vaak bij deze klachten voorkomen, dat als u niet oppast en niet gewaarschuwd bent, u geneigd zult zijn uw patiënt Arsenicum te geven, enkele symptomen te onderdrukken en zo het aspect van het geval te veranderen, zodat u er geen middel meer voor kunt vinden, en het geval toch niet met Arsenicum geneest.
Er bestaat een sterke neiging om routineus te worden en Arsenicum te geven zonder dat er een voldoende aantal generalia aanwezig is; d.w.z. als u het op de particularia geeft en niet op de generalia van het geval.
Dit middel zit vol diarree- en dysenteriesymptomen; in deze toestanden zullen bleekheid, angst, het lijkachtige aspect en de lijkachtige geuren aanwezig zijn.
Bij dysenterie is er een uiterst kwellende en frequente aandrang tot stoelgang, schaarse, slijmerige, zwarte, vloeibare, inktachtige ontlasting met lijkgeur, grote prostratie, onrust en bleekheid. Bij darmklachten, in lage, adynamische ziektevormen, wordt de ontlasting onwillekeurig.
Dit is een toestand van het rectum, een verslapping van het rectum, grote prostratie. Onwillekeurige ontlasting wijst gewoonlijk op plaatselijke of algemene uitputting, en in dit middel is de uitputting verschrikkelijk, zodat er onwillekeurige diarree is bij tyfus en bij lage vormen van zymotische ziekte; onwillekeurige urine.
Sterke purgering is soms aanwezig bij Arsenicum, maar over het algemeen heeft hij niet veel purgering, zoals we die vinden bij Podophyllum, Phos. ac . Gewoonlijk zijn er kleine, frequente spuitjes, kleine uitstoten met flatus en de grote uitputting die optreedt bij cholera, kleine spuitjes met slijm, slijmerige, witachtige ontlasting.
Arsenicum is niet zo gewoonlijk geïndiceerd bij cholera, d.w.z., tijdens de uitstotingsperiode, maar soms nadat het uitstromen voorbij is en het braken en de purgering zijn opgehouden, met achterlating van een toestand van extreme uitputting, krijgen we een toestand die op coma lijkt, de patiënt ziet er bijna uit alsof hij dood is, behalve dat hij ademt. Dan vinden we dat Arsenicum reactie zal herstellen.
Cholera infantum met grote prostratie, inzinken en lijkachtig voorkomen, grote koudheid, bedekt met koud zweet, koude extremiteiten, koud als de dood; lijkachtige, ziekelijke, walgelijke, scherpe, doordringende geur in de kamer van feces en urine en zelfs van wat wordt uitgebraakt.
De ontlasting is scherp, excorierend, veroorzaakt roodheid en branden. Heel vaak breidt het branden zich uit tot in de darmen.
Het rectum en de anus branden, schrijnend rondom de anus. Het heeft tenesmus, pijnlijke, onverdraaglijke aandrang, grote ellende in het onderste darmkanaal, in rectum en anus, een vreselijke toestand van angst bij de patiënt, en de pijn is zo hevig en het lijden zo intens, de angst zo intens, dat hij aan niets anders dan de dood kan denken; de vrees en de vreselijke gewaarwordingen zijn zodanig als hij in zijn leven nooit heeft ervaren, en hij is ervan overtuigd dat dit betekent dat hij zal sterven.
Dit gaat, zoals alle andere klachten, gepaard met onrust, en wanneer hij niet op de stoel zit, loopt hij heen en weer over de vloer, van bed naar stoel en van stoel naar bed. Hij gaat op de stoel zitten en dan weer terug naar bed, en dan wordt hij opnieuw met haast naar de stoel gedreven, soms verliest hij het.
Soms is er een chronische aambeientoestand met branden, en de aambeien puilen uit bij de stoelgang; hij is zeer uitgeput nadat hij na een stoelgang weer in bed is teruggekeerd, met deze uitpuilende knobbels die als druiven zijn en als vuurkolen aanvoelen. Ze zijn heet, droog en bloeden. Kloven van het rectum die bij elke stoelgang bloeden, met brandende jeuk en eczemateuze erupties rond de anus met branden.
Dit soort pijn kan overal in het lichaam gevoeld worden; branden is karakteristiek voor Arsenicum, steken is karakteristiek voor Arsenicum. Neem deze nu samen en de patiënt beschrijft het vaak alsof hij overal met roodgloeiende naalden wordt geprikt. Dit roodgloeiende gevoel, dat overal een gewoon kenmerk is, wordt in de anus gevoeld, en vooral wanneer er aambeien zijn, branden en steken als hete naalden in de aambeien.
Soms, wanneer een patiënt in het vroege stadium van een hevige aanval terechtkomt, heeft hij alle rillingen en koude die men maar in de Materia Medica en in ziekte kan aantreffen. Rillingen en koude van gewelddadig karakter, en op zulke momenten beschrijft hij een gevoel alsof het bloed dat door de vaten stroomt ijswater was. Hij voelt ijskoude golven door het lichaam jagen.
Wanneer de koorts opkomt, is hij intens heet van hoofd tot voeten; voordat het zweet is verschenen, voelt hij alsof kokend water door de bloedvaten gaat. Dan komen het zweet en de dyspneu en al die klachten waarbij hij geprostreerd raakt en koud wordt.
Hoewel het zweet soms de koorts en de pijnen verlicht, houdt het toch aan, gaat gepaard met grote uitputting en verlicht het zijn uitputting niet.
Veel van zijn klachten nemen toe met het zweet; bijvoorbeeld de dorst neemt toe, het drinken is overvloedig en verlicht niet, het lijkt alsof hij nooit genoeg kan krijgen en patiënten zullen zeggen:
"Ik kan de put leegdrinken," of
"Geef mij een emmer water."
Zulke dingen zijn aanwijzend voor de toestand van dorst. Tijdens de koorts wil hij weinig en vaak; tijdens de koude wil hij warme dranken.
Arsenicum is een zeer bruikbaar middel bij erupties van de geslachtsdelen met branden.
Bij kleine zweren die branden, zelfs wanneer zij syfilitisch zijn; herpetische blaasjes die op de voorhuid en op de schaamlippen verschijnen; sjanker of cancroïden met branden, schrijnen en steken, maar vooral bij die welke zwak zijn, geen enkele neiging tot genezing tonen, maar juist het tegendeel doen, zich uitbreiden, die welke wij phagedenisch noemen, die vanaf hun buitenranden invreten en groter en groter worden.
Ulceraties: Arsenicum en Merc corr . zijn de twee voornaamste middelen voor zich uitbreidende ulceraties die in alle richtingen invreten, zeer stinkend. Zulke ulceraties als volgen op het openen van een bubo in de liesstreek waar geen neiging tot genezing bestaat.
Er blijft een kleine, waterige, stinkende afscheiding komen en zich uitbreiden, de ulceratie breidt zich rondom de opening steeds verder uit, zonder neiging tot genezing.
Of de patiënt is in handen geweest van een chirurg die zijn mes in de dreigend suppurerende bubo heeft gezet en daarna is een rood, kwaad, erysipelateus aspect gevolgd en het vertoont geen neiging tot genezing.
De randen zijn door ulceratie weggevreten en nu is het oppervlak schoongeworden, met achterlating van een vlak ter grootte van een dollarstuk; soms serpigineus wordend. Deze zweren zijn gevoelig voor aanraking en branden als vuur.
Geslachtsdelen: In de mannelijke en vrouwelijke geslachtsorganen zijn er veel belangrijke symptomen. In de mannelijke organen een waterzuchtige toestand, oedeem van de penis, oedemateus aspect, zodat de penis enorm gezwollen is en eruitziet als een waterzak; het scrotum, vooral de huid van het scrotum, sterk gezwollen en vochtig rondom de delen.
Bij de vrouw zijn de schaamlippen enorm gezwollen met brandende, stekende pijnen, hard en gezwollen. Erysipelateuze ontsteking van deze organen, ulceraties van syfilitisch karakter; hieraan moet gedacht worden wanneer zulke symptomen van branden, schrijnen en steken aanwezig zijn.
Bij de vrouw hevige, brandende pijnen in de geslachtsdelen met of zonder zwelling, branden dat zich uitstrekt tot in de vagina, met grote droogte en jeuk van de vagina.
De leucorroeïsche afscheiding excorieert de delen, veroorzaakt jeuk en branden met groot lijden. Witte, waterige, dunne afscheidingen die excoriëren; soms zó overvloedig dat zij langs de dijen afloopt.
De menstruele vloed van Arsenicum is zeer vaak excorierend van aard. Overvloedige leucorroeïsche vloed vermengd met de menstruele vloed, zeer overvloedig en zeer scherp.
Onderdrukte menstruatie gedurende maanden; amenorroe bij geprostreerde, nerveuze patiënten, met gerimpeld, bezorgd, afgetobd gelaat.
Natuurlijk heeft Arsenicum in de oude school een wonderlijke reputatie bij anemie, en er wordt gezegd dat het even goed is als Ferrum voor anemie.
Ferrum en Arsenicum zijn de sterke middelen bij anemie, zodat het niet te verwonderen is dat deze bleke stervelingen baat vinden bij Arsenicum.
"Tijdens de menstruatie, steken in het rectum."
"Leucorroe, scherp, invretend, dik en geel," enz.
Na de partus laat de vrouw de urine niet; geen urine in de blaas; suppressie, of de blaas is vol en toch komt de urine niet.
In verband met dit onderwerp zult u Causticum het vaakst geïndiceerde middel vinden wanneer u teruggaat en de vrouw de urine niet heeft gelaten terwijl het tijd is dat zij dat zou doen; u zult het dikwijls geïndiceerd vinden wanneer u geen andere symptomen hebt om op voort te gaan. Aconite zal vaker dan enig ander middel geïndiceerd zijn als het kind de urine niet heeft gelaten.
Dit is keynote-praktijk en moet veroordeeld worden wanneer er andere symptomen zijn die een middel aanwijzen.
Als er geen andere symptomen zijn, bestudeer dan Aconite en Causticum en zie of er een reden is waarom zij niet gegeven zouden moeten worden.
Kanker: Nog een ander punt in verband met de vrouw, Arsenicum is een wonderlijk palliatief bij kankerachtige aandoeningen, zoals die voorkomen in uterus en mammae.
Brandende, stekende pijnen zijn in ongeneeslijke gevallen natuurlijk geheel verdwenen. Het wordt een van de palliatieve middelen.
Strottenhoofd en borst: Arsenicum heeft stemverlies, laryngitis, met droge, kwellende hoest; een hoest die geen enkel goed lijkt te doen; voortdurend schrapen, droge, hakkende hoest.
Bestudeer de relatie met astma en moeilijke ademhaling, dyspneu. Arsenicum heeft enkele langdurige gevallen van astma van nerveuze aard genezen; astma dat na middernacht opkomt, bij patiënten die van de koude lijden, die zeer bleek zijn, droge piepende hoest hebben, in bed rechtop moeten zitten en de borst vasthouden, angstige onrust met prostratie.
De hartsymptomen zijn lastig te behandelen wanneer zij het Arsenicum-beeld aannemen; de symptomen komen overeen met een toestand van grote zwakte, hevige hartklopping, hartklopping bij de geringste inspanning of opwinding, grote angst, benauwdheid, zwakte; hij kan niet lopen, hij kan niet naar boven gaan, hij kan zich nauwelijks bewegen zonder de hartklopping te vermeerderen; elke opwinding brengt hartklopping teweeg.
"Hevige aanvallen van palpitaties of syncopen tijdens endocarditis."
Arsenicum komt overeen met de ernstigste hartklachten, komt overeen met veel van de ongeneeslijke hartklachten; d.w.z., wanneer u Arsenicum in alle symptomen passend vindt bij deze uitgesproken hartaandoeningen, waterzucht van het pericardium, enz., hebt u een klasse van gevallen die zeer ernstig is,
"Angina pectoris," enz.
"Rheumatisme dat het hart aantast," enz.
"Hydropericardium met grote prikkelbaarheid," enz.
"Pols frequent, klein, trillend."
"Pulsatie door het hele lichaam," enz., enz.
Ook dit gaat over in een andere toestand wanneer het hart zwak wordt, de pols draadvormig, de patiënt bleek en koud, bedekt met zweet, de pols zeer zwak. Wanneer dit geen toestand van het hart zelf is, dan wordt Arsenicum een wonderlijk middel; dat wil zeggen, het is in staat te genezen.
Koorts
Ik wil een paar dingen zeggen over enkele wezenlijke punten, enkele van de meest algemene zaken van het Arsenicum-type van wisselkoorts.
U kunt de algemene toestand van wisselkoorts en van koortsen in het algemeen lezen en toepassen wat daarover is gezegd.
Arsenicum heeft alle heftigheid van de koude rilling die u in enig middel kunt aantreffen, met opwinding, hoofdpijn, prostratie, droge mond, verlangen naar warme dranken en om goed warm toegedekt te zijn, met alle angstige onrust en prostratie die u in enig geneesmiddel kunt aantreffen; maar het tijdstip van het Arsenicum-geval is iets belangrijks.
Een opvallend kenmerk van het tijdstip waarop de koude rilling bij Arsenicum optreedt, is de onregelmatigheid ervan: nooit tweemaal hetzelfde, op elk tijdstip optredend. Het heeft koude rillingen in de namiddag en na middernacht, soms 's morgens, soms om 3 of 4 uur 's middags, soms om 1 uur 's middags.
Er is een opvallende periodiciteit in zijn aard. Daardoor heeft het een intermitterend karakter. Dorst is een opvallend kenmerk.
Tijdens de koude rilling heeft hij, hoewel er soms grote dorst is, afkeer van alles wat koud is en kan hij derhalve alleen warme dranken, warme thee enz. gebruiken.
Tijdens de koorts neemt de dorst toe doordat hij een droge mond heeft, en hij drinkt weinig en vaak, slechts een theelepel vol om zijn droge mond te bevochtigen.
Water lest zijn dorst niet, want hij wil slechts een eetlepel vol, weinig en vaak. Dit zet zich voort in het zweetstadium, met prostratie, toegenomen kouwelijkheid, verlangen naar overvloedige dranken, onlesbare dorst naar koude dranken.
De koude rilling gaat gepaard met hevige zeurende pijn in de botten, waarschijnlijk beginnend in de extremiteiten, en tijdens de koude rilling is er sterke congestie van het hoofd met paarse vingers en tenen.
Voegt men deze dingen samen en de prostratie die optreedt met die verschrikkelijke angst, dan kan men in het algemeen bijna altijd het Arsenicum-geval herkennen.
Maar het heeft in zijn koude rilling, koorts en zweet zó veel details dat, als u de details van de symptomen neemt en deze algemene kenmerken buiten beschouwing laat, u waarschijnlijk bijna elk geval van koude rillingen denkt te kunnen dekken; d.w.z., u kunt denken dat u dat zult kunnen, maar tenzij sommige van deze algemene kenmerken aanwezig zijn die het als Arsenicum kenmerken, zult u falen.
Het is iets anders om het hele geval als Arsenicum te kenmerken dan om te zeggen dat dit Arsenicum-symptomen zijn.
Zo is het ook met China en Quinine ; zij hebben talrijke bijzondere symptomen, en toch moeten, om van het geval een China- of Quinine-geval te maken, de opvallende algemene kenmerken aanwezig zijn.