Arsenic Album
van H.C. Allen — Kernsymptomen en karakteristieken, met vergelijkingen, van enkele van de belangrijkste geneesmiddelen van de Materia Medica
Wit oxide van arseen (As2O3.)
Grote prostratie, met snel wegzinken van de levenskrachten; flauwtes: de gemoedsgesteldheid is: a - Neerslachtig, melancholisch, wanhopig, onverschillig. b - Angstig, vreesachtig, onrustig, vol zielsangst. c - Prikkelbaar, gevoelig, knorrig, gemakkelijk geergerd. Hoe groter het lijden, des te groter de zielsangst, onrust en doodsvrees. Mentaal onrustig, maar lichamelijk te zwak om te bewegen; kan nergens rust vinden: verwisselt voortdurend van plaats; wil van het ene bed naar het andere worden verplaatst en ligt nu hier dan daar. Angstige doodsvrees; denkt dat het nutteloos is medicijnen te nemen, ongeneeslijk is, zeker zal sterven; vrees voor de dood, wanneer hij alleen is of naar bed gaat. Aanvallen van angst 's nachts die hem uit bed jagen, < na middernacht. Brandende pijnen; de aangedane delen branden als vuur, alsof er hete kolen op de delen waren gelegd (Antr.), > door warmte, warme dranken, warme toepassingen. Brandende dorst zonder bijzondere neiging om te drinken; de maag schijnt dit niet te verdragen, omdat zij koud water niet kan verwerken; het ligt als een steen in de maag. Men verlangt ernaar, maar hij kan of durft het niet te drinken. Kan de geur of aanblik van voedsel niet verdragen (Colch., Sep.). Grote dorst naar koud water; drinkt vaak, maar telkens weinig; eet zelden, maar veel. Maagstoornissen; na koude vruchten; roomijs; ijswater; zuur bier; bedorven worst; alcoholische dranken; sterk gerijpte kaas. Kinderen bij het tanden krijgen zijn bleek, zwak, jengelig, en willen snel rondgedragen worden. Diarree, na eten of drinken; ontlasting schaars, donkergekleurd, stinkend, en of zij nu weinig of veel is, gevolgd door grote prostratie. Aambeien: met stekende pijn bij lopen of zitten, niet tijdens de stoelgang; zitten of slapen verhinderend; brandende pijn < door warmte; fissuren maken het lozen van urine moeilijk. Ademhaling: astmatisch; moet zitten of vooroverbuigen; springt 's nachts uit bed, vooral na twaalf uur; niet in staat te gaan liggen uit vrees voor verstikking; aanvallen als kroep in plaats van de gewone urticaria. Snelle vermagering: met koud zweet en grote zwakte (Tub., Ver.); van de aangedane delen; marasmus. Anasarka, huid bleek, wasachtig, aardkleurig (Acet. ac.). Overmatige uitputting bij de geringste inspanning. Uitputting wordt door de patient niet gevoeld zolang hij stil ligt; wanneer hij zich beweegt, is hij verbaasd zichzelf zo zwak te vinden. Klachten gewoonlijk erger 1-2 p. m., 12-2 a. m. Huid: droog en schilferig; koud, blauw en gerimpeld; met koude, klamme transpiratie; als perkament; wit en deegachtig; zwarte blaasjes en brandende pijn. Nadelige gevolgen van bedorven voedsel of dierlijk materiaal, hetzij door inoculatie, door het ruiken eraan of door ingestie. Klachten keren jaarlijks terug (Carbo. v., Lach., Sulph., Thuja).
Relatie . - Complementair: Allium s., Carbo. v., Phos., Pyr. Aan Ars. moet worden gedacht bij klachten door: kauwen op pruimtabak; alcoholisme; zeebaden; worstvergiftiging; verwondingen bij dissectie en miltvuurgif; steken van giftige insecten.
Verergering . - Na middernacht (1 tot 2 a. m. of p. m.); door koude; koude dranken of voedsel; wanneer men op de aangedane zijde ligt of met het hoofd laag.
Verbetering . - Door warmte in het algemeen (het tegenovergestelde van Sec.) behalve hoofdpijn, die tijdelijk > is door koud baden (Spig.); brandende pijn > door warmte.