Agaricus Phalloides
van John Henry Clarke — Woordenboek van de praktische Materia Medica
A. bulbosus. Amanita bulbosa. (Een kleine stinkende zwam die veel voorkomt in Europa en de V.S.) N. O. Fungi. Tinctuur van de verse zwam.
Klinisch
Cholera / Chorea / Krampen / Diarree / Gastritis / Trismus / Urine, uitblijven van / Braken
Kenmerken
De symptomen die bij vergiftigingsgevallen zijn waargenomen geven een volledig beeld van de Aziatische cholera. Er is extreme prostratie en rillerigheid; het zweet is koud; de facies hippocratica is uitgesproken; de tong is koud; en er is hevige dorst. Zeer frequent gallig braken. Onophoudelijke krampen in de maag. Hard, gespannen abdomen. Frequente witachtige, waterige ontlasting; of gallige, bloederige ontlasting. De urine blijft uit; de stem is hees. Pols klein, intermitterend, nauwelijks waarneembaar. De extremiteiten zijn koud, en er zijn hevige krampen in benen, voeten en kuiten. Convulsies vormen nog een ander opvallend kenmerk. Er is mentale opwinding, die in sommige gevallen drie dagen heeft geduurd. Soms is er stupor, op andere momenten blijft het bewustzijn tot aan de dood behouden.
De verschijnselen treden pas tien of twaalf uur na inname van het middel op (hierin lijkt het op Colchicum). Soms redt de ontwikkeling van choleraïforme symptomen de patiënt. Algemene cholerasymptomen treden op zoals bij A. muscarius. Ook overheerst rillerigheid. Agaric. Phal. is een zeer heftig en dodelijk vergif.
2. Hoofd
Duizeligheid altijd bij het opstaan. Vreselijke pijnen in het hoofd.
3. Ogen
Pupillen sterk verwijd. Ogen ingevallen, zwak en glansloos.
6. Gezicht
Doodsbleekheid; gezicht ingevallen; cyanotisch. Angstig, hippocratisch gelaat. Neus en mond droog. Tetanische sluiting van de kaken, soms met tandengeknars.
8. Mond
Tanden en tandvlees zwart. Koude tong. Adem koud. Trismus. Spraak langzaam, moeizaam. Stotteren.
9. Keel
Droge keel.
11, 12. Maag en abdomen. Hevige dorst; misselijkheid; braken; daarna diarree. Zeer frequent braken van slijm en gal. Braken van een stinkende groenachtige vloeistof; van bloed. Pijn in de maag en de onderbuik, gevolgd door angst en braken. Onophoudelijke maagkrampen. Hevige pijn in het epigastrium, die zich snel over het gehele abdomen uitbreidt; zeer < door druk. Abdomen gespannen; gezwollen; pijnlijk. Ondraaglijke pijn in de onderbuik en de lumbale streek.
13. Ontlasting en anus
Anus ontstoken. Ontlasting: frequent, gallig; witachtig als bij Aziatische cholera; frequent, waterig; bloederig.
14. Urinewegen
Uitblijven van urine.
17. Ademhalingsorganen
Stem hees. Ademhaling kort.
19. Hart en pols
Pols: klein en intermitterend; nauwelijks waarneembaar; langzaam en enigszins onregelmatig; hard en frequent. Pols vol en snel (latere werking).
21. Ledematen
Koude extremiteiten. De huid van de extremiteiten heeft haar elasticiteit verloren. De bovenste extremiteiten zwellen op en worden livide; vingertoppen livide. Krampen in de benen; in de kuiten; in de voeten, met terugtrekken van de ledematen.
24. Algemeen
Hevige convulsies. Lichte krampachtige bewegingen in benen en armen, die zich gewoonlijk uitbreiden naar de spieren van de romp en onregelmatige verdraaiingen van het hele lichaam veroorzaken. Voortdurende rusteloosheid. Zwakte; prostratie. Malaise. Wankelt alsof hij dronken is en spant zich, met zonderlinge gebaren, in om zijn lijden uit te drukken, maar kan geen lettergreep uitbrengen.
25. Huid
Lichaam bedekt met livide vlekken.
26. Slaap
Somnolentie.
27. Koorts
Uitgesproken rillerigheid. Zweet koud. Huid koel, daarna heet.