Kalmia Latifolia
van C.M. Boger — Synoptische sleutel van de Materia Medica
REGIO
- ZENUWEN: RUGGENMERG. Ogen. Gezicht (R).
- HART.
- Bloedsomloop.
- Gewrichten.
- Huid.
- Rechts; hoofd; deltaspier.
- Links; borst; arm.
ERGER
- BEWEGING: Liggen op de L. zijde. Vooroverbuigen. Naar beneden kijken.
- Warmte.
- Koud worden.
- Met de zon.
BETER
- Eten.
- Bewolkt weer.
- Voortdurende beweging.
- Zeurend
, beurs, stijf gevoel. Tintelingen, gevoelloosheid, bevende of paralytische zwakte. Wisselende pijnen; schieten naar buiten langs de zenuwen; of doffe, scheurende, verpletterende pijn, zich verplaatsend naar beneden, dan plotseling, naar het hart of afwisselend met hartsymptomen, of tussen bovenste en onderste ledematen. Neuralgie. Reuma. .................... Duizeligheid. Krakend geluid in het hoofd. Schietende pijn van de nek naar de kruin en het gezicht. Razendmakende supraorbitale (r) pijn. HART; prikkelbaar; pijn, stekend, brandend; mierenlopen; gevoelloosheid; zwak; uitstralend naar het l. schouderblad of de arm; de adem benemend; gefladder; zichtbare hartkloppingen; verlamming. Pols zeer langzaam; zwak, bevend. Brachialgie. Stijfheid van oogleden, lippen, huid, enz.
Complementair: Benz-ac. Spi.
Verwant: Aco. Dig. Rhus-t. Spi.